Baaien en kliffen, afgelegen stranden én een bruisend centrum met eettentjes, een haven, sfeervolle straten en veel verse vis: in het Portugese Cascais vind je het allemaal. Op een steenworp afstand van metropool Lissabon overheerst hier een relaxte sfeer. De perfecte plek voor onze allereerste familiebreak.

De auto mindert vaart en draait een luxe buitenwijk in. Op de achtergrond klinkt de stem van Fado-zangeres Mariza, links en rechts staan kasten van huizen. Ik ben onder de indruk. Net als Lize, die vanuit haar autostoel druk met beide handen naar de palmbomen wijst. Dit deel van het Portugese Cascais is een toevluchtsoord voor rijke levensgenieters: van zakenmensen en stedelingen tot vakantievierende royals – en voor ons. Onze chauffeur parkeert de auto pal voor de ingang van hotel Martinhal Cascais. Het wordt al donker, en terwijl de rolkoffers over de klinkers achter ons aan stuiteren, waait een frisse bries ons tegemoet. Typisch voor Cascais, horen we even later van de receptioniste. 

Koninklijk Cascais

Cascais is een badplaats aan de Portugese westkust – de Costa de Lisboa – en ligt op een steenworp afstand van het bruisende Lissabon. Vanuit de hoofdstad van Portugal rijd je er in een half uur naartoe, maar ook met de trein sta je binnen 30 minuten met je voeten in het koele zeewater.

Cascais is redelijk toeristisch, maar kent (nog) geen massatoerisme. De stad heeft een knus centrum, mooie straten, een prachtige citadel en groot fort, indrukwekkende paleizen en mooie musea. Het voormalige vissersdorp is door de jaren heen uitgegroeid tot een mondaine stad met statige huizen en een luxe jachthaven. Toch is Cascais authentiek en overzichtelijk gebleven, en daarmee een fijne plek voor een familievakantie. 

Niet in de laatste plaats door de verschillende baaitjes, waar je op een hete zomerdag of een zonnige herfstdag – want ook dan is het heerlijk in Portugal – verkoeling vindt. Zoals op het romantische Praia da Rainha met uitzicht op de jachthaven, of op Praia da Ribeira, dat nagenoeg in het centrum van de stad te vinden is. Voor een relaxte dag aan het strand sla je je handdoek uit op de ligbedden van het nabijgelegen Estoril of op het zandstrand van de lokale surfspot Praia de Guincho. Even verderop vind je de indrukwekkende, ruige kliffen van Praia da Adraga én het meest westelijke punt van Europa, Cabo do Roca.

Ontbijten met Gwyneth Paltrow

De zon schijnt door het raam op onze ontbijttafel. We hebben het hotelrestaurant nog even voor ons alleen. Voor mijn neus staat een glas groene Gwyneth Palthrow-shake, een homemade ‘birger muesli’ én Portugese pasteis de nata (crunchy bladerdeeg met custardroom). Vooral aan dat laatste kan ik wel wennen. Het personeel is heel vriendelijk, in het bijzonder voor de kleintjes. Lize wordt op haar wenken bediend: als een koningin zit ze in haar enorme kinderstoel. Even later volgen een aantal andere gezinnen met hun kroost. De kidscorner in de hoek van de eetzaal is onopvallend aanwezig, maar een uitkomst voor een ontspannend ontbijt. 

Cascais: het juweel van Portugal

Kloven en kliffen

“Weet u het wel zeker?” De jongen van de fietsverhuur kijkt ons vragend aan als we vertellen dat we juist vandaag de omgeving van Cascais willen verkennen. Het is november en de wind waait behoorlijk. Maar je bent Hollander of niet, en dus trappen we met z’n drieën vol goede moed het resort af. Op weg naar de kust. Ons eerste doel vandaag: Boca do Inferno, oftewel Hells Mouth. Dit is een kloof waar het Atlantische zeewater hevig tegen de rotsen beukt en duidelijk zijn sporen nagelaten heeft. Het natuurspektakel ligt op nog geen 2 kilometer van Cascais en we fietsen er via het aangelegde fietspad gemakkelijk naar toe. 

Langs de rotsachtige kust aan de noordkant van Cascais rijden we naar Praia de Guincho, het meest ruige strand in de omgeving. Een aantal surfers leeft zich uit op de hoge golven, wij kiezen een plekje in het zand en kijken toe. De tijd lijkt hier even stil te staan. Al bewijst het grote 17-eeuwse Fortaleza do Guincho – nu vijfsterrenhotel en Michelinsterrenrestaurant – zien dat dit niet het geval is. Het geluid van zee en wind jaagt hypnotiserend om ons heen. 

Het 8 kilometer lange, rode fietspad leidt ons terug naar de stad. De route is goed te doen, ook met een actief, klein meisje voorop in het fietsstoeltje. In ongeveer 40 minuten krijgen we een goede indruk van Cascais en de mooie kust. Tip: stop onderweg bij Muchaxo – een restaurant waar je je in de jaren ’60 waant – of neem een break bij Bar do Guincho, een laagdrempelige plek voor bites & drinks met je voeten in het zand.

Cascais: het juweel van Portugal

Arroz de Marisco

Portugal is het land van lieve mensen, fijne temperaturen, rijke cultuur, mooie natuur en vooral: heel veel verse vis. Als levensgenieter haal je hier je hart op. Veel lokale restaurants serveren sardientjes van de gril, bacalhau (gezouten vis), gamba’s, schaal- en schelpdieren, dorade en octopus. Zo ook die in Cascais. Vanavond eten we bij Casa Velha in het centrum van de stad. Het interieur is er wat ouderwets, maar de bediening is vriendelijk en het buitenterras is top. Zelfs als we er met Lize om 18.00 uur al op zoek gaan naar een tafel, zijn we meer dan welkom. Een grote, dampende pan met arroz de marisco wordt voor ons op tafel gezet. De ober roert nog een keer goed en schept dan onze borden vol. Het lokale rijstgerecht met mosselen, gamba’s, kokkels en krab – volgens de locals niet te vergelijken met de Spaanse paëlla – is uitgeroepen tot een van de 7 Wereldwonderen van de Portugese Gastronomie. En de laatste nazomerse zonnestralen krijgen we er die avond gratis bij.

Tekst Eline van Nunen | Fotografie Eline van Nunen / Visit Lisboa / Visit Cascais / Martinhal Family Hotels & Resorts

Wil jij geen enkele editie missen? Abonneer je dan nu op Fabulous Mama magazine!

Wil je op de hoogte blijven van de leukste artikelen en toffe winacties? Volg Fabulous Mama magazine op Instagram, Facebook en meld je aan voor onze tweewekelijkse nieuwsbrief.