Twee zussen, twee tweelingen

Ouders 10-04-2015
Twee zussen, twee tweelingen

Twee zussen, twee tweelingen

Ouders 10-04-2015

Ergens aan het einde van de 19e eeuw, beviel mijn overgrootmoeder van niet één, maar - compleet onverwacht - twee kinderen. Henk en zijn zus Pietje. En, zoals het een goed katholiek gezin betaamt, stond de volgende bevalling zon vijftien maanden later alweer voor de deur. Weer beviel mijn overgrootmoeder van niet één, maar van twee kinderen. Kees en Bertha, mijn oma. Volgens mijn vader werden de kinderen in de kaastobbe gelegd en ging het werk weer verder op de boerderij.

Ergens aan het einde van de zomer van 2010 belde mijn zusje, terwijl ik mij van werk naar metro haastte. Ze was net zwanger van haar tweede en had die dag haar eerste echo, wist ik. ‘Ga maar even stil staan’, zei ze op een raar soort opgewonden toon. ‘Ik krijg een tweeling!’

Niet veel later had ik zelf de eerste echo van mijn tweede kind. Mijn lief had het meteen in de gaten. Ik zag alleen die rare wand in het midden van m’n buik op het scherm, maar het kwartje viel niet. Of het was ontkenning. Maar het was waar: precies acht weken na de uitgerekende datum van mijn zusje, verwachtte ook ik een tweeling. En uiteraard: voor allebei een jongen en een meisje. Voor het eerst zag ik mijn vader met tranen in zijn ogen.

Extra zwaar, een tweeling?
Omdat iedereen, ook de mensen die ervoor zijn opgeleid, gedurende de hele zwangerschap tegen je blijft zeggen hoe zwáár het gaat worden en dat je echt alle hulp moet aanvaarden, weet je op een gegeven niet beter dan dat het écht héél zwaar gaat worden! En dat valt dan achteraf ook wel weer mee.

Ik wist gelukkig al hoe ik een Maxi-Cosi zonder gestuntel in de auto kon vastmaken. Ik had inmiddels door dat je in elke tas en zijdeur van de auto luiers moet hebben liggen. En het strijken van hydrofielluiers en dagelijks uitkoken van spenen had ik al heel lang achter mij gelaten. En wat een wereld scheelde: ik heb een zusje met ook een tweeling.

Mijn overgrootmoeder, die had het pas zwaar
Nu gaan we geregeld op vrijdagochtend samen met onze twins op pad. We kunnen nog steeds niet ongestoord een gesprek voeren, laat staan een goed gesprek. Maar we vrolijken elkaar op met omhelzingen en opmerkingen als: ‘Ik vind jou zo knap!’. En dat is voldoende. 

Mijn overgrootmoeder kreeg overigens ná haar twee tweelingen, nog drie kinderen. Wassen deed ze met de hand. Wegwerpluiers moesten nog uitgevonden worden. Om over een AH Bezorgservice maar te zwijgen. Als ik het even heel zwáár heb, denk ik dus aan haar. Of ik bel m’n zusje. En besef dan dat ik vooral geluk heb. 

Over Esther Vollebregt

Ik, Esther Vollebregt (41), woon samen met man Robert en onze kinderen: Jules (6), Egge (4) en Lisa (4) in Uithoorn.

Reacties

Meer artikelen uit ons netwerk