In de aanloop naar onze emigratie naar Liberia kwam ik in aanraking met de term Third Culture Kids. Een Third Culture Kid (TCK) is iemand die zijn of haar jeugd, of een deel daarvan heeft doorgebracht in een andere cultuur dan de oorspronkelijke cultuur van de ouders.

Omdat de ouders in het buitenland een baan hebben of zendingswerk doen, maar bijvoorbeeld ook kinderen die gevlucht zijn. Een TCK heeft affiniteit met beide culturen, maar geen enkele cultuur wordt als eigen ervaren. Hierdoor ontwikkelt zich bij het kind een soort eigen, nieuwe cultuur: de derde cultuur.

Uit wat ik heb gelezen over TCK maak ik op dat er voor- en nadelen zijn.
Voordelen: een TCK heeft over het algemeen genomen een breed wereldbeeld, goed ontwikkelde sociale vaardigheden, is flexibel en past zich gemakkelijk aan. Een TCK heeft vaak een goede band met de ouders en het spreken van meerdere talen is natuurlijk altijd handig.

Nadelen: een TCK heeft weinig wortels in een bepaalde cultuur, het ziet zichzelf niet als deel van een cultuur. Bij terugkeer naar het oorspronkelijke land van de ouders moet hij zijn wereldbeeld weer aanpassen en dit brengt vaak onzekerheid met zich mee of problemen met de identiteit.

Help, dacht ik, toen ik deze dingen las. Bij de gedachte aan wat ik mijn kids daarmee zou ‘aandoen’ keek ik natuurlijk vooral naar de nadelen.

Door het komen en gaan binnen de expatcommunity zijn TCK’s gewend vaak en snel afscheid te moeten nemen van vriendjes en vriendinnetjes. Hechten aan vrienden en langdurige vriendschappen aangaan is vaak moeilijk.

Help, dacht ik, toen ik deze dingen las. Bij de gedachte aan wat ik mijn kids daarmee zou ‘aandoen’ keek ik natuurlijk vooral naar de nadelen. Iemand uit mijn kennissenkring, die gespecialiseerd is in dit onderwerp, gaf mij wat meer uitleg hierover.

Eén opmerking heb ik in het bijzonder onthouden en heeft mij erg geholpen. Ze zei: “Een ding is zeker, jouw kinderen zúllen Third Culture Kids worden. Daar kun je niets tegen doen en het is ook helemaal niet erg. Sterker nog: de meeste Third Culture Kids die nu volwassen zijn, hadden hun jeugd niet anders gewild.”

Dat geeft de burger moed natuurlijk. Ook ben ik blij dat er inmiddels meer bekend is over TCK en er goed materiaal bestaat dat ons kan helpen. Ik zie nu ook al wat van de voordelige kanten. Het gemak waarmee Serah bijvoorbeeld, in vloeiend Engels, vriendinnetjes maakt. Binnen de expatcommunity en met Liberiaanse kinderen. Met de verschillen in taal, kleur en cultuur lijkt ze zich niet bezig te houden.

In Nederland zijn Serah en Kaleb niet meer die opvallende verschijningen met hun blonde haar en blanke huid.

Andersom merk ik aan Kaleb dat hij zich niet echt hecht aan Liberia. Hij is zichtbaar happy hier, maar hij vraagt zo nu en dan nog steeds wanneer we weer naar Nederland gaan en of we daar dan blijven wonen. Aan de andere denk ik dat hij gewoon niet goed begrijpt wat het betekent dat we hier voor vijf jaar zitten. Wat ook wel logisch is wanneer je zélf nog geen vijf jaar bent.

Nederland zal de komende jaren een plek zijn van lange zomervakanties, waarin we vooral leuke dingen gaan doen en weinig verplichtingen hebben. Wanneer we definitief terugkeren zullen we weer volop mee moeten draaien in de maatschappij en opgaan in de massa. In Nederland zijn Serah en Kaleb niet meer die opvallende verschijningen met hun blonde haar en blanke huid.

We zullen wellicht een heel gemiddeld inkomen hebben, waar we nu in Liberia behoren tot de rijkeren van het land. Daarnaast heb je natuurlijk de typische Nederlandse omgangsvormen en gewoontes, die zij niet hebben meegekregen. Het zal ongetwijfeld wennen zijn.

Kinderen die na lange tijd verblijf in het buitenland weer terugkeren naar het oorspronkelijke land van de ouders, worden ook wel hidden immigrants genoemd. Qua uiterlijk en taal merk je geen verschil, maar deze kinderen worstelen met grote cultuurverschillen.

Met diepgaande vriendschappen dacht ik vaak: ‘wanneer stopt deze vriendschap weer?

Ik belde laatst met mijn vriendin in Nederland. Zij is een TCK; ze heeft haar jeugd doorgebracht in verschillende Aziatische landen. Ik vroeg haar hoe het was om op haar dertiende naar Nederland terug te keren. “Die eerste winter in Nederland was echt traumatisch. Het was zó koud.”

En heeft ze ook TCK verschijnselen? “Ik kan snel schakelen van omgeving en zit nergens echt ‘vast’. Ik kan gemakkelijk connecten met mensen, maar ook gemakkelijk weer loslaten. Alleen met diepgaande vriendschappen dacht ik vaak: ‘wanneer stopt deze vriendschap weer?’ Voor dit stukje heb ik therapie gehad en ik snap en voel nu eindelijk dat vriendschappen voor het leven kunnen zijn, of in elk geval voor langere tijd.”

Had ze het willen missen? “Voor geen goud! Het reizen, de verschillende culturen, de sociale vaardigheden die ik heb geleerd en mijn wereldwijsheid. Ik heb ervaren dat er veel meer in deze wereld is dan mijn eigen wijk, stad en land.”

Ik hoop dat ook mijn kinderen later hun wereldburgerschap gaan omarmen en zullen zeggen: “We hadden het niet anders gewild”.

MarijeMarije Elizabeth (37) is moeder van Serah (6) en Kaleb (4) en ze woont met haar gezin in Liberia, West-Afrika. Voor fabmama.nl schrijft ze over haar belevenissen als moeder in het buitenland. Op haar blog From Amsterdam to Africa kun je meer lezen over haar leven in Liberia.