We zouden naar het strand gaan. Vroeg natuurlijk, anders sta je in de file. Dus rende ik ’s ochtends om halfnegen al door het huis. Ik verzamelde zwembroeken, moesten er nog vesten mee, voor de zekerheid?

Buienradar checken. Drinken mee, wat lekkers. Bodyboard, scheppen, bal. Ondertussen spoorde ik de kinderen aan door te eten. “Mam, waar zijn mijn slippers?” Om tien uur zaten we nóg niet in de auto en om halfelf kreeg ik het aan de stok met Franklin, die al in de auto zat, terwijl binnen nog chaos heerste.

Klokslag twaalf uur was het, toen we eindelijk – ietwat chagrijnig – het strand opliepen en ik haar zag staan. Een vriendin uit vervlogen tijden. De laatste keer dat ik haar gezien had, een jaar geleden, had ze net een nieuwe scharrel.

‘Deze keer is het écht raak’, zei ze.

Ik weet nog hoe ze steeds op haar telefoon keek, of hij al had geappt. Speelde hij hard to get? Had ze niet moeten zeggen dat ze kinderen wilde? Ik wist van haar wens. Eigenlijk wilde ze al toen Kyano nog een baby was, maar vlak daarna ging haar relatie uit.

Eén keer had ze nog iets gehad met een man bij wie ze uiteindelijk met de pil was gestopt, maar iedereen om haar heen zag allang wat zij niet wilde zien: hij was niet goed voor haar. Daarna had ze zich, ergens in die jaren met al die dates, scharrels en bijna-vriendjes, verloren in het idee.

Ik wist nog dat ik die avond een jaar geleden naar huis ging met een triest gevoel over hoe haar leven was verlopen: maar ook met een enorme dankbaarheid voor het mijne. Hoe vaak had ik het niet als vanzelfsprekend genomen? Gemopperd over onbenulligheden? Hoe kon ik ook maar één minuut uit het oog verliezen hoe bijzonder het is?

Hoe kon ik ook maar één minuut uit het oog verliezen hoe bijzonder het is? Dat je een man vindt met wie je elke dag samen wilt zijn.

Dat je een man vindt met wie je elke dag samen wilt zijn. Bij wie je buik nog steeds iets geks doet als je aan hem denkt. En hoewel je hem af en toe wel achter het behang kunt plakken, je na zo’n moment niets liever doet dan bij hem kruipen en alles om je heen vergeten.

Dat alles kwam terug, toen ik haar daar zag staan. We omhelsden elkaar. Ik vroeg hoe het met haar ging en grapte over haar nieuwste verovering over wie ik via via had gehoord. Ze pakte mijn arm beet. Zei dat ze geloofde dat het deze keer echt raak was. Ze was zo verliefd.

Na vijf minuten namen we afscheid, met de woorden dat we echt moesten afspreken. Toen ze wegliep, keek ik haar na. In mijn buik een verwarrende kluwen van hoop, medelijden, liefde en schuld. Eén ding wist ik wel: de volgende keer gaan we gewoon een uurtje later naar het strand.

Marije Veerman

Fabulous mama altijd als eerste ontvangen?
Probeer nu een proefabonnement voor slechts €12,50 >