Janneke (38) woont samen en is stiefmoeder van drie kinderen. Ze heeft sinds haar twintigste last van psychoses. ‘Ze vertelden me dat ik een aantal dagen mijn kamer niet was afgekomen en dat ze me urenlang heen en weer hadden horen lopen. Ik liet niemand binnen, sliep niet meer en at niet meer. Als iemand op mijn deur klopte, begon ik heel hard te huilen en riep ik dat ze mij alsjeblieft geen pijn moesten doen.’

Emoties

“Wat er met mij gebeurt tijdens een psychose is lastig te beschrijven. Elke psychose is anders en achteraf mis ik vaak hele periodes in mijn geheugen. De ene psychose duurt een paar weken, de ander een paar maanden, soms ben ik helemaal de weg kwijt, vaak sta ik nog met één been in de realiteit. Wat alle psychoses met elkaar gemeen hebben, is dat ze beginnen met heftige emoties. Met verdriet of boosheid, gevolgd door depressie en afzondering. Vervolgens krijg ik waanideeën en paranoia, het gevoel dat iedereen tegen me is en dat ‘ze’ erop uit zijn om mij te ondermijnen. Overal zie ik tekenen die dit bevestigen. Ik hoor gefluister in de wind en ik denk dat mensen in televisieprogramma’s tegen mij praten. Ook slaap ik niet meer en eet niet meer en zonder ingrijpen zou ik mezelf waarschijnlijk iets aan doen.

Diagnoses

Ik heb verschillende diagnoses gehad. Ik heb een rapport waarin staat dat ik een schizo affectieve stoornis heb. Dat wil zeggen dat de psychosen acuut vanuit het ‘niks’ ontstaan en er waarschijnlijk een genetische aanleg is voor stemmingsstoornissen. Geestesziekten komen voor in mijn familie. Mijn grootvader heeft zelfmoord gepleegd, waarschijnlijk tijdens een psychose, maar dat weet ik niet zeker. Ik weet alleen dat hij in het najaar altijd ‘gek in zijn hoofd werd’ en zich terugtrok op zolder. Mijn moeder heeft haar leven lang last gehad van depressies. In een later rapport staat mijn aandoening omschreven als psychosespectrumsyndroom of PSS. Voor mij maakt het niet zo veel uit hoe ze het noemen. Ik heb episodes dat ik in de war ben en daar heb ik mee moeten leren leven…

Het startpunt

De eerste keer was tijdens mijn studie. Ik was net op kamers gegaan, verhuisd vanuit een rustige woonwijk naar de grote stad. De nieuwe studie, de grote stad, het drukke studentenleven… Achteraf gezien was de overgang vanuit mijn oude vertrouwde, beschermde leven gewoonweg te groot voor mij. Mijn herinnering uit die tijd is niet heel scherp, maar ik weet dat ik me alleen op mijn kamertje vaak eenzaam en verloren voelde. Toen ik na een korte relatie met een jongen vrij abrupt en onverwacht gedumpt werd, brak er iets in mij. Ik had weinig ervaring met jongens, was stapelverliefd en snapte niet wat ik verkeerd gedaan had. Het verdriet om die plotselinge afwijzing was het startpunt van mijn eerste psychose.

In mij ontwikkelde zich in de loop van een aantal weken heel langzaam iets. Ik voelde me heel verdrietig en depressief en raakte steeds meer in mezelf gekeerd. Vaak trok ik me terug op mijn studentenkamer en had steeds minder contact met medestudenten en huisgenoten. Ik werd angstig, wantrouwend en had het gevoel dat iedereen tegen mij was. Op een gegeven moment durfde ik bijvoorbeeld niet te telefoneren omdat ik dacht dat ‘ze’ me zouden afluisteren. Ik was prikkelbaar en rusteloos. Ook kon ik geen college meer uitzitten en lag nachten achtereen wakker. Soms doolde ik uren achter elkaar wanhopig door de stad tot het licht werd. Ik wist niet wat ik met mezelf aan moest. Ik wist dat er iets aan de hand was, maar ik wist niet wat.

Liefdesverdriet

Mijn ouders hadden als eerste door dat het niet goed met me ging en namen me mee naar de huisarts. Maar het lastige was dat ik ook goede dagen had, vooral als ik bij mijn ouders thuis was, in mijn oude, vertrouwde omgeving. Daar lukte het bijvoorbeeld veel beter om te slapen en voelde ik me weer een beetje mezelf. In het begin had ik ook nog geen waanideeën en kon ik goed vertellen wat er aan de hand was: ik had liefdesverdriet. De huisarts stelde me gerust. Het advies was dat ik me op mijn studie moest richten, dan zou het verdrietige gevoel vanzelf overgaan.

Gefluister

Maar het ging niet over. Het werd alleen maar erger. Na een paar weken was ik helemaal de weg kwijt. Ik kwam amper van mijn kamer af. Ik weet nog dat ik urenlang intens luisterde naar de wind omdat ik stemmen hoorde als het waaide. Ze zeiden allerlei – vooral nare – dingen tegen me. Dat ik slecht was en dat ik alles aan mezelf te danken had. Dat ik het niet verdiende om hier te zijn. Het was heel beangstigend. Ook als ik de televisie aanzette, hoorde ik presentatoren of acteurs in films vergelijkbare dingen tegen me zeggen. In mijn beleving had de hele wereld zich tegen mij gekeerd en ik had geen idee wat ik eraan kon doen.

Tekst Anne Bakker | Beeld Shutterstock.com

Lees het hele artikel in Fabulous Mama 5+6, 2020. Bestellen kan hier.

Wil jij geen enkele editie missen? Abonneer je dan nu op Fabulous Mama magazine!

Wil je op de hoogte blijven van de leukste artikelen en toffe winacties? Volg Fabulous Mama magazine op Instagram, Facebook en meld je aan voor onze tweewekelijkse nieuwsbrief.