Ze zette handbal in ons land op de kaart, maar werd pas echt voorpaginanieuws toen ze een relatie – en een dochtertje, Jesslynn – kreeg met voetballer Rafael van der Vaart. Estavana Polman: ‘Toen ik wilde komen, zei Rafael: ‘Het kan wel zijn dat er een paparazzo voor de deur ligt.’ Ik dacht: wat ben jij nou voor een arrogante lul? Wist ik veel.’

Estavana groeit op in de volksbuurt Presikhaaf in Arnhem, samen met haar tweelingbroer Dario en haar vijf jaar oudere broer Timothy. Haar vader is buschauffeur en haar moeder werkt bij de KNVB, al zorgt ze er wel altijd voor dat ze thuis is zo gauw de kinderen naar huis komen. De familiebanden zijn hecht. Op zaterdag komt de hele familie – ze wonen trouwens allemaal in Arnhem – bij oma samen voor de koffie. Nog steeds gebeurt dat en zodra Estavana in Nederland is, haakt ze aan. Uit haar jeugd herinnert ze zich vooral het vele buitenspelen, op het pleintje voor de deur. Ze is beslist geen ‘meisjemeisje’. Jurkjes, poppen, barbies: ze heeft ze wel, maar kijkt er nauwelijks naar om. Estavana: “Ik wilde precies zo zijn als mijn broers. Zij waren mijn grote voorbeelden. Als een van de twee een voetbal kreeg voor zijn verjaardag, wilde ik er ook eentje.”

Estavana en Jesslynn

De opvoeding van haar moeder noemt ze achteraf gezien best streng. Niet dat haar veel in de weg wordt gelegd, maar ze mag bijvoorbeeld niet tot laat buiten op straat hangen. Ze moet altijd als een van de eersten naar binnen en haar moeder weet het zo te brengen dat ze het ook niet waagt om te laat te komen. Op haar 5de start ze met handbal, gewoon samen met wat vriendinnetjes van school: een vriendenteam. Maar al snel blijkt dat ze talent heeft. Als ze wordt gevraagd voor een eredivisieteam, is ze 12. Een kind nog. “Ik heb vaak de vraag gekregen of dat nou moest, zo jong al, maar als ik het niet had gedaan, had ik waarschijnlijk niet gestaan waar ik nu sta. Uiteindelijk heb ik bereikt wat ik altijd al wilde, en daar ben ik heel dankbaar voor. Natuurlijk was het niet altijd makkelijk. Ik speelde met alleen maar volwassen vrouwen van in de 20. Dan ging het over heel andere dingen in de kleedkamer dan barbiepoppen.” Ze lacht. “Ik heb in die tijd echt geleerd om voor mezelf op te komen. Je wordt sneller volwassen, dat gaat vanzelf, maar daar is op zich niets mis mee.

Op school was ik niet echt de slimste. Handbal kwam als een soort redding. Op mijn 15 de werd ik gevraagd voor Jong Oranje. Daarvoor moest ik intern bij de HandbalAcademie op Papendal, weg van huis. Om zeven uur stond ik dan op om te trainen en om elf uur werden we met het busje naar school gebracht. Van vier tot zes werd er weer getraind. Ik had nog de mazzel dat mijn ouders op vijftien minuten afstand van Papendal woonden, dus als ik even een gaatje had, kon ik heen en weer. Andere meiden hadden dat niet. Het was een heftige tijd, maar ook wel gewoon lachen, gieren, brullen. Tweeëntwintig meiden bij elkaar.”

Tekst Marije Veerman | Fotografie Fiona Ruhe

Wil je op de hoogte blijven van de leukste artikelen en toffe winacties? Volg Fabulous Mama magazine op Instagram, Facebook en meld je aan voor onze tweewekelijkse nieuwsbrief.