Miranda (29): Drie jaar geleden werd ik moeder van een tweeling, Marvin en Lise. De schattigste kinderen van de wereld, dat zei iedereen. Twee maanden voor de bevalling hoorden we dat mijn vriend Stijn, piloot bij de luchtmacht, zou worden uitgezonden. Gelukkig lukte het nog net om bij de geboorte van zijn kinderen te zijn.

Het moment dat ik daar lag, met mijn man naast me en mijn kindjes in mijn armen, was alles even helemaal perfect. De eerste dagen zweefden we met zijn viertjes op een roze wolk. We genoten van alle kraamvisite en lieten onze schatjes vol trots aan iedereen zien. Ik heb Stijn nog nooit zo trots gezien. Drie weken later werd hij uitgezonden en stond ik er alleen voor.

Ik maakte me zorgen. Als hem iets overkwam, zouden onze kinderen zonder vader opgroeien.

Naast de zorgen die ik altijd had wanneer hij op missie was, maakte ik me nu ook druk dat onze kids zonder vader zouden opgroeien. Als hem iets overkwam… Mijn schoonmoeder kwam vaak helpen, maar ik merkte aan haar dat zij zich ook zorgen maakte. Dat verhoogde mijn stress alleen nog maar. En met die twee kleine druktemakers om te verzorgen, plus mijn baan bij een kledingwinkel, was ik sowieso al best gestrest. Reikhalzend telde ik de dagen af tot Stijn weer terug zou komen.

Een half jaar ging voorbij, toen zat zijn uitzending er eindelijk op. Eindelijk hoefde ik niet meer alles alleen te doen, maar kon ik de zorg én de liefde voor onze schatjes delen. Totdat hij ineens met een ‘leuk’ nieuwtje kwam. Hij was, na jaren proberen, toegelaten tot een trainingsprogramma in de Verenigde Staten. Een prachtige kans voor hem, maar dat betekende wel dat hij binnen een paar maanden daarheen zou moeten verhuizen.

Ik wilde hem steunen, maar zag het echt niet zitten om naar Amerika te verhuizen. Al mijn familie en vrienden waren nu vlakbij. Stijn droeg aan dat het nu juist nog kon. De kinderen gingen nog niet naar school en hoefden nog geen vriendjes vaarwel te zeggen. Bovendien konden we ze dan gelijk Engels leren. Zijn argumenten waren allemaal zo logisch, dat ik er niets tegenin kon brengen. En dus pakten we onze spullen en vertrokken we naar Washington, D.C.

De eerste tijd in the States ging soepeler dan ik dacht. We hadden een prachtig huis, vlakbij de vliegbasis. De luchtmacht is een hechte club, dus sociale contacten opbouwen was ook niet al te moeilijk. De kindjes leek het allemaal weinig uit te maken. Het voelde als een grote vakantie.

Steeds vaker begon ik ’s avonds een glaasje wijn te nemen, zodat ik beter kon slapen.

Maar naarmate de tijd verstreek, kreeg ik meer en meer heimwee. Ik miste mijn familie, het lukte me niet om een baan te vinden in Washington en Stijn was vaak weg voor oefeningen. Hij miste de eerste stapjes van de tweeling, hun eerste woordjes. Ik had niemand om die momenten mee te delen en voelde me eenzamer dan ooit. Steeds vaker begon ik ’s avonds een glaasje wijn te nemen, zodat ik beter in slaap kon vallen.

Als ik geen wijn heb gedronken, lig ik halve nachten wakker omdat ik Nederland zo mis. Ik heb dat glas dus gewoon nodig, anders ga ik aan mijn heimwee onderdoor. Met Stijn wil ik er niet over praten, ik wil dat hij zich gesteund voelt. Toen we aan kinderen begonnen, wist ik al dat dit een mogelijkheid was.

Ik drink zo verstandig mogelijk, maximaal twee glazen, zodat ik altijd nog kan autorijden als één van de kinderen ineens naar het ziekenhuis zou moeten. Heel af en toe ga ik over die grens heen, als ik me echt heel rot voel. De volgende ochtend kan ik me dan wel voor mijn hoofd slaan, maar ik kan het anders gewoon niet aan. De alcohol zorgt ervoor dat ik een leukere moeder kan zijn voor mijn kinderen, één die niet alleen maar depressief op de bank ligt.

Natuurlijk weet ik ook wel dat wat ik doe niet verstandig is. Ik wil mezelf geen alcoholist noemen, omdat ik niet vaak te veel drink, maar ik ben dus wel afhankelijk van de drank. Niet alleen is dat ongezond voor mezelf, het is ook een slecht voorbeeld voor mijn kinderen. Lise zag laatst dat ik moest huilen om een film, en kwam me toen een wijnglas brengen. Dat is geen goed teken.

Hopelijk kan ik straks in Nederland de drank weer laten staan.

En toch lukt het me niet om zonder alcohol te leven. De opleiding van Stijn duurt nog zo’n anderhalf jaar. Als het goed is, kunnen we daarna terug naar Nederland. Hopelijk is alle heimwee dan over, en kan ik ook de Merlot weer laten staan. Tot die tijd drinkt mama voor het slapengaan één of twee glaasjes. Gewoon, als troost.

Altijd als eerste de nieuwe fabulous mama ontvangen? Bekijk nu onze voordelige abonnementen.