Darla (38): Mijn dochter van acht is – natuurlijk – de mooiste en liefste van de hele wereld. Ze is knap, sociaal en lief. Op school doet ze het hartstikke goed. Mijn vrouw en ik zijn ongelooflijk trots op haar.

Er is eigenlijk maar een ding wat ik heel erg moeilijk vind: ik vind de naam van mijn dochter verschrikkelijk. Wat die naam is, wil ik liever niet noemen. Ik wil niemand voor het hoofd stoten, want met de naam op zich is eigenlijk niet zoveel mis. Maar ik kan hem niet uitstaan.

Een anonieme donor wilden we niet, dat voelde te kil.

Het begon allemaal toen mijn vrouw (toen nog vriendin) en ik besloten om voor een kindje te gaan. Oorspronkelijk was het plan dat zij ons kindje zou dragen. Een goede vriend van ons was bereid hiervoor een donatie te doen.

Ons plan viel in het water omdat de vrouw van de vriend in kwestie bezwaar had. Zij vond het idee dat haar man nog ergens een kind had niet te verdragen. Hoewel ik die gedachte kan begrijpen, was het voor ons een grote klap. We zagen onze kinderwens in rook opgaan. Een anonieme donor wilden we niet, dat voelde te kil.

Uit compassie voor haar opoffering, beloofde ik haar dat zij de naam mocht kiezen voor ons ongeboren kind.

De redder in nood kwam in de vorm van mijn zwager. Hij bood aan om te doneren, zodat we alsnog een baby konden krijgen. En dan zelfs een die op ons allebei kon lijken. Het enige probleem was dat ik nu degene moest zijn om het kind te dragen. Mijn vrouw had dat dolgraag zelf willen doen, maar ze besloot zich daaroverheen te zetten.

Uit compassie voor haar opoffering, beloofde ik haar dat zij de naam mocht kiezen voor ons ongeboren kind. Op die manier kon zij voor haar gevoel ook iets wezenlijks en blijvends meegeven. Ze besloot dat het de naam van haar peettante moest worden.

Hoewel ik dol ben op haar peettante, stond diens naam nou niet bepaald bovenaan mijn lijstje.

Eerlijk gezegd had ik toen al mijn twijfels. Hoewel ik dol ben op haar peettante, stond diens naam nou niet bepaald bovenaan mijn lijstje. Maar mijn vrouw leefde zo op van haar keuze, dat ik het niet over mijn hart kon verkrijgen om het af te wijzen.

En dus ging mijn vrouw na de bevalling vol trots aangifte doen. Terwijl ik uitpufte van de bevalling, werd de naam van mijn dochter zwart op wit gezet door een ambtenaar van de burgerlijke stand. De naam die zij de rest van haar leven draagt.

Nog altijd verzin ik allerlei koosnaampjes, of noem ik haar bij een afkorting van haar naam.

Inmiddels ben ik min of meer gewend aan de naam van mijn kind. Ik weet nog steeds niet zeker of hij bij haar past, maar hij hoort nu eenmaal bij haar. Wel vind ik het nog moeilijk om hem zelf uit te spreken, omdat het best lang geduurd heeft voor ik het helemaal kon accepteren.

Nog altijd verzin ik allerlei koosnaampjes, of noem ik haar bij een afkorting van haar naam. Mijn vrouw vindt dat schattig, maar ze weet niet dat ik het doe omdat ik spijt heb van onze gekozen naam. Het zou haar hart breken als ze dat wist. Dus houd ik mijn mond, en hoop ik dat mijn dochter haar naam wel mooi vindt.